DEN HAAG - Minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat) reageert bij inloop Eerste Kamerdebat op de uitspraak in hoger beroep in de Urgenda-zaak. De rechter bepaalde dat Nederland meer moet doen om de uitstoot van CO2 tegen te gaan. ANP BART MAAT

16 november 2018

Overheid in cassatie tegen uitspraak klimaatzaak

De overheid gaat in cassatie tegen de laatste uitspraak in de Urgenda-zaak. Het Hof oordeelde eerder dat de Staat meer moet doen om de uitstoot van CO2 te beperken Die zaak was aangespannen door klimaatorganisatie Urgenda. Minister Wiebes maakt nu bekend dat hij naar de Hoge Raad stapt. ‘Niet vanwege de klimaatkwestie zelf, daar gaat Nederland zich aan houden, maar wel omdat we willen weten of de rechter in deze mate op de stoel van de politiek mag zitten.’


Zorgplicht

Eind 2020 moeten de emissies volgens de uitspraak terug worden gebracht met minimaal 25% ten opzichte van 1990. Concreet betekent dit dat Nederland in twee jaar tijd ongeveer net zo veel CO₂ moet besparen als in de periode 1990-2017. Doet de Staat dit niet, dan komt dat volgens het gerechtshof neer op schending van de zorgplicht. Het hof handhaafde daarmee de uitspraak van de rechtbank, die in 2015 klimaatactiegroep Urgenda in het gelijk stelde.

Controverse

Het was de eerste keer dat een rechter een staat dwong om meer te doen tegen klimaatverandering, maar dat leidde ook tot controverse: zit de rechter te veel op de stoel van de wetgever en beleidsmaker? Wiebes benadruk dat ‘we het vonnis wel gewoon gaan uitvoeren. Het is heel duidelijk dat het daar niet om gaat. Het bezwaar dat we hebben gaat over de manier waarop dit tot stand is gekomen’. Zo’n cassatieprocedure kan snel een paar jaar duren, voorspelde Marjan Minnesma van Urgenda dit voorjaar.

Lees meer in het FD.